Gestuurd gevoel, gestuurd antwoord

Een week lang paste Facebook de tijdlijn aan van 689.003 mensen en hun stemming verschoof mee. In ander onderzoek veranderde alleen de volgorde van zoekresultaten de voorkeur van kiezers met twintig procent. Klinisch psycholoog Roger McFillin legt beide naast elkaar en beschrijft de lus die eruit ontstaat. PCPal deelt het, omdat aandacht ook gaat over wat een systeem doet met de mens die het gebruikt.

PCPal bouwt en beheert systemen. Aandacht betekent voor ons ook kijken naar wat een systeem doet met de mens die het gebruikt. Daarom delen we hier het werk van de Amerikaanse klinisch psycholoog Roger McFillin, die twee onderzoekslijnen naast elkaar legt. De ene gaat over hoe je je voelt. De andere over wat je gelooft. Samen beschrijven ze een systeem dat eerst je stemming zet en daarna de conclusies aanlevert die je in die stemming aanneemt.

Over de reikwijdte van dit stuk (klik om te openen)
Dit is een Nederlandse weergave van het betoog van een ander, met bronvermelding onderaan. De klinische waarnemingen en de duiding daarvan zijn van de oorspronkelijke auteur. PCPal is een ICT-bedrijf en geen zorgverlener. Niets in dit stuk is medisch advies, en het is geen uitspraak over de behandeling of de diagnose van wie dan ook. De onderliggende onderzoeken staan onderaan met naam en jaartal, zodat u ze zelf kunt nalezen.

Het experiment met 689.003 mensen

In januari 2012 paste Facebook een week lang de tijdlijn aan van 689.003 gebruikers, zonder hen dat te vertellen. De ene groep kreeg minder positieve berichten van vrienden te zien, de andere minder negatieve. De uitkomst verscheen in 2014 in PNAS: wie minder positiviteit zag, ging zelf negatiever schrijven, en andersom gold hetzelfde. De stemming was van buitenaf bijgesteld, en de eigen woorden van die mensen droegen die bijstelling door naar iedereen die ze kenden.

Facebook verwees naar de gebruiksvoorwaarden. Journalisten vonden daarna dat het woord onderzoek vier maanden ná afloop van het experiment aan die voorwaarden was toegevoegd.

Critici wezen erop dat het effect per persoon minuscuul was, en bedoelden dat geruststellend. McFillin leest het omgekeerd. Een duwtje dat te klein is om op te merken, dagelijks herhaald bij miljarden mensen, is de efficiëntste vorm van beïnvloeding die er bestaat, juist omdat niemand het voelt.

Waarom een klein duwtje groot uitpakt

Veel mensen bouwen een identiteit op hun gevoelsleven. Ik ben een angstig mens. Ik heb depressieve klachten. Als een week aangepaste berichten de stemming van 700.000 mensen kan verschuiven, dan is een deel van wat iemand op een dag voelt mogelijk bezorgd in plaats van opgekomen.

Dat blijft niet bij die dag. De psychologie kent stemmingscongruent geheugen: je herinnert je wat past bij hoe je je nu voelt. Wie laag zit haalt mislukkingen en verraad scherp terug, terwijl de goede jaren vervagen. Een stemming die via een scherm binnenkomt reikt zo terug en herschrijft het verhaal dat iemand over zijn eigen leven vertelt. Met genoeg herhaling wordt dat verhaal het zelfbeeld.

McFillin beschrijft wat hij daarvan in zijn praktijk zag: mensen met een zwaarte die niets in hun huwelijk, werk of gezondheid verklaarde, en die dagelijks uren in die tijdlijnen zaten. Het systeem waarin zij terechtkwamen kende geen categorie voor een gefabriceerde stemming, alleen voor een stoornis. Een vragenlijst, een etiket, en vaak een recept.

Daar zit ook de bevrijding in. Als een deel van die zwaarte niet bij jou begon, dan is het geen oordeel over wie je bent. Je bent degene die het opmerkt, zich afvraagt waar het vandaan kwam, en beslist of hij het blijft dragen.

Welke emotie kiest een bedrijf

Zodra vaststaat dat gevoel te sturen is, wordt de vraag welk gevoel een platform zou kiezen. Daar hoeven we niet naar te raden. Uit de interne stukken die Frances Haugen in 2021 openbaar maakte bleek dat de rangschikking vanaf 2017 een boze reactie vijf keer zo zwaar woog als een like. De eigen onderzoekers waarschuwden dat het systeem woede en verdeling beloonde. Het verdienmodel bleef, want boosheid houdt mensen aan het scrollen en scrollen is wat verkocht wordt.

Onderzoekers van New York University vonden in 2017 dat elk moreel of emotioneel geladen woord in een politiek bericht de kans op doorsturen met ongeveer twintig procent verhoogde. Het algoritme heeft onze groepsreflexen niet uitgevonden. Het vond ze, mat ze, en leerde ze te voeden.

Uit dezelfde stukken bleek dat Instagram het lichaamsbeeld van één op de drie tienermeisjes verslechterde, en dat het bedrijf dat wist. De schoolgang hield vroeger op bij de voordeur. Nu loopt hij mee naar de slaapkamer, ontworpen door uitzonderlijk getalenteerde mensen met als opdracht dat er gekeken blijft worden.

Denk aan iemand met wie u de afgelopen jaren grondig van mening verschilde. Een zwager, een oude klasgenoot, de buurman. Zet u met die persoon aan tafel en u treft waarschijnlijk een fatsoenlijk mens, iemand die uw auto uit de sneeuw helpt duwen of naar de begrafenis van uw vader komt. Toch zijn hele groepen van diezelfde mensen in onze beleving gevaarlijk of dom geworden. Dat beeld ontstond niet aan onze eettafels.

Klinisch gezien is woede meestal een tweede laag, die boven op angst, pijn of machteloosheid ligt. De tijdlijn levert een vijand die even een gevoel van kracht geeft, en kan nooit leveren wat iemand werkelijk nodig heeft, namelijk zeggenschap en verbinding in het eigen leven. Daarom komt de woede de volgende dag terug, iets sterker.

Het tegengif is een andere vraag. Niet wat er mis is met die persoon, maar hoe een redelijk mens ertoe kwam de wereld zo te zien. Die ene verschuiving verbreekt het circuit.

En dan de zoekbalk

Werkt de tijdlijn op wat u voelt, dan werkt de zoekbalk op wat u gelooft, en nog onzichtbaarder. Psycholoog Robert Epstein noemde het het zoekmachine-manipulatie-effect. In experimenten uit 2015 met ruim 4.500 nog onbesliste kiezers in de Verenigde Staten en India kregen deelnemers zoekresultaten te zien die in volgorde één kandidaat bevoordeelden. Niets in die resultaten was onwaar. Alleen de volgorde veranderde, en dat verschoof de voorkeur met twintig procent of meer. Vrijwel niemand merkte het. Ze dachten zelf tot hun oordeel te zijn gekomen.

Die vatbaarheid is aangeleerd. Duizenden keren zoeken we iets eenvoudigs op en staat het juiste antwoord bovenaan. Zonder er ooit toe te besluiten leren we dat het bovenste resultaat het ware is. Dan zoeken we iets onzekers op, een medicijn, een kandidaat, een angstige diagnose, en dat aangeleerde vertrouwen gaat mee. Met ongeveer negentig procent van alle zoekopdrachten wereldwijd bij één partij is er in de praktijk één lijst.

Onderzoekers van Yale lieten in 2015 zien dat alleen al het zoeken op internet mensen hun eigen kennis hoger doet inschatten, zelfs over onderwerpen die ze niet opzochten. We hebben ons geheugen uitbesteed en de stelligheid gehouden.

Beschikken over informatie is iets anders dan iets weten. Kennis werd vroeger verdiend: het hele boek gelezen, bij een leraar gezeten, een idee getoetst aan eigen ervaring, en dan zakte er iets in dat je kon dragen. Wat er nu vaak voor in de plaats komt is geleende zekerheid, een antwoord gerangschikt door iemand die u nooit zult ontmoeten, gedragen met het zelfvertrouwen van een expert. Wordt het betwist, dan valt het van binnenuit niet te verdedigen, en dus valt men de vragensteller aan.

De lus

Leg de twee naast elkaar en de lus wordt zichtbaar. Eerst wordt u in onrust, angst of woede gebracht. Vervolgens gaat u in die toestand op zoek naar antwoorden, en die liggen klaar in een bepaalde volgorde. U komt eruit met een sterk gevoel en een stellige mening, en u gelooft dat allebei van u zijn.

Wat de auteur voorstelt

Het antwoord is volgens McFillin niet uw telefoon in het water gooien. Het is opmerken wat er gebeurt terwijl het gebeurt. Begin bij de emotie, want daar gaat de haak erin. Rechtvaardigt niets in uw werkelijke dag de zwaarte of de furie die u voelt, vraag dan of die uit uw leven opkwam of werd bezorgd. In het tweede geval mag u haar neerzetten.

Daarnaast: dagelijks tijd in stilte zonder invoer, zodat eigen gedachten ruimte krijgen. Lees het onderzoek in plaats van de kop. Zoek de sterkste versie op van het standpunt waar u tegen bent. Leer zeggen dat u het nog niet weet. En bescherm kinderen samen met andere ouders in plaats van alleen, want één gezin dat afwijkt voelt kwetsbaar en een handvol gezinnen samen verandert wat normaal is.

Waarom wij dit delen

PCPal noemt zichzelf ICT met Aandacht. Die aandacht gaat over de mens aan de andere kant van het scherm, en dat is precies waar dit stuk over gaat. Wij leveren en beheren de systemen waarin mensen werken, en dan is de vraag wat zo'n systeem met iemand doet geen bijzaak.

Heel praktisch zit daar werk in dat wij dagelijks tegenkomen. Op welke platformen zet een organisatie haar mensen en haar communicatie. Wat doet een aanbevelingsmechanisme in een product dat u zelf laat bouwen. En het belangrijkste: standaardinstellingen zijn nooit neutraal. Iemand heeft ze gekozen, met een doel. Wie dat doel niet kent, erft het.

Deze tekst is geen aanklacht tegen techniek. Ze is een pleidooi om te weten waar de knoppen zitten en wie ze bedient.

Bron

Dit is een Nederlandse weergave van het artikel "How Your Emotions and Beliefs Are Being Engineered Without Your Consent" van dr. Roger McFillin, klinisch psycholoog, verschenen op zijn publicatie Radically Genuine. Het is een bewerking en geen vertaling; de redenering en de klinische waarnemingen zijn van hem. Lees het origineel op drmcfillin.substack.com/p/how-your-emotions-and-beliefs-are

De onderzoeken waar hij zich op baseert:

Kramer, Guillory en Hancock (2014), Experimental evidence of massive-scale emotional contagion through social networks, PNAS. Hill (2014), over de toevoeging van het woord onderzoek aan de gebruiksvoorwaarden, Forbes. Merrill en Oremus (2021), Five points for anger, one for a like, The Washington Post. Brady e.a. (2017), Emotion shapes the diffusion of moralized content in social networks, PNAS. Wells, Horwitz en Seetharaman (2021), over Instagram en tienermeisjes, The Wall Street Journal. Epstein en Robertson (2015), The search engine manipulation effect, PNAS. Fisher, Goddu en Keil (2015), Searching for explanations, Journal of Experimental Psychology. En de marktaandelen van zoekmachines volgens StatCounter.

No comments yet